Een Labradoodle is een kruising tussen een labrador en een poedel. Vanwege de hoge intelligentie van beide honden is de Labradoodle een intelligente hondensoort. De naam Labradoodle is ontstaan door een combinatie van “Labra” van de labrador en “Doodle” zoals in labradoodle. (van Poodle)
De Labradoodle wordt meestal gefokt als gezinshond. Soms worden ze ook gefokt om te dienen als blindegeleidehonden, therapiehonden en andere vormen waarin een hond tot hulp kan zijn.
Veel mensen nemen een Labradoodle omdat ze een labrador te gek vinden, maar liever een hond hebben die niet zoveel haar verliest. Ook kiest men vaak voor een Labradoodle vanwege een vermindere kans op een allergische reactie.
Niet alle Labraddoodles nemen het verlies van weinig haren over van de poedel. zie tabblad vachten/allergie. Ze verliezen wel minder haren als een labrador, maar het varieert van hond tot hond hoeveel of hoe weinig haar ze verliezen.
Labradoodles zijn ook uitstekende zwemmers. Ze variëren van grootte, type vacht en kleur omdat ze een mix zijn van pure rassen.
Wij hebben de grote labradoodle 58-68 cm.
Het karakter van de Labradoodle is vergelijkbaar met die van de labrador en poedel. Intelligent, welwillend, goed te trainen, op mensen gericht, vriendelijk naar andere honden. de "Will to Please" naar hun baasje. Ze zijn erg enthousiast dit is erg leuk maar kent ook nadelen met name het opspringen vooral als er visite komt. Hier moet je als opvoeder wat extra aandacht aan besteden.
Zowel de poedel als de labrador kunnen last krijgen van heupdysplasie. Voordat er met de honden mag worden gefokt dienen zij hierop getest te worden. Hetzelfde geldt voor bepaalde oogafwijkingen.
Zie de verschillende foto's onder Vachten/ Allergie.